Klimaatneutraal
Uitwerking per aspect
In de onderstaande tabel zijn de verschillende aspecten binnen dit thema op drie manieren beoordeeld: de huidige staat, de referentiesituatie (de verwachte staat in 2050 als de gemeente het bestaande beleid voortzet), en de effectbeoordeling van de ontwerp-omgevingsvisie.
De huidige staat en de referentiesituatie laten zien hoe het aspect er nu voorstaat en hoe het zich zonder nieuw beleid waarschijnlijk zal ontwikkelen. Deze beoordelingen zijn uitgedrukt in vijf kwalificaties: slecht, matig, redelijk, overwegend goed en goed.
De effectbeoordeling laat zien wat het effect van de ontwerp-omgevingsvisie is ten opzichte van de referentiesituatie. Daarbij zijn vijf beoordelingscategorieën gebruikt: zeer negatief, negatief, neutraal, positief en zeer positief. In sommige gevallen is ook een zesde beoordelingscategorie gebruikt: positief*. In deze gevallen is de beoordeling positief, maar zijn er wel grote onzekerheden. Deze onzekerheden zijn onder de aspecten toegelicht.
Belangrijk is dat de effectbeoordeling alleen de verandering ten opzichte van de referentiesituatie weergeeft. Een positief effect betekent dus dat de ontwerp-omgevingsvisie een verbetering brengt ten opzichte van het bestaande beleid, maar niet automatisch dat het aspect in 2050 als geheel goed zal zijn. Bijvoorbeeld: als de referentiesituatie matig is en de effectbeoordeling positief, dan duidt dat op een verbetering, maar niet noodzakelijk op een goede of overwegend goede eindtoestand.
| Aspect | Huidige staat | Referentiesituatie | Effectbeoordeling |
|---|---|---|---|
| Broeikasemissies | redelijk | redelijk | positief |
Emissie & vastlegging broeikasgassen
Ingrepen
De ingrepen gericht op de emissie & vastlegging broeikasgassen hebben tot doel de CO2-equivalenten per inwoner per jaar te verlagen. Dit gebeurt via een combinatie van energietransitie (vermindering van fossiele energie en verhoging van hernieuwbare en lokale bronnen), verduurzaming van gebouwen en bedrijfsprocessen (isolatie, efficiëntere systemen), stimulering van duurzame mobiliteit (Trias Mobilica: verminderen, veranderen en verschonen) en vergroening van de leefomgeving (groenblauwe structuren die CO2 opnemen).
Effectbeoordeling
De maatregelen richten zich op structurele reductie van CO2 per inwoner en leveren naar verwachting een positief effect ten opzichte van de referentiesituatie (2050). Door energiebesparing, gebouwverduurzaming en verandering in mobiliteit neemt de per-capita CO2-uitstoot af waarmee wordt bijgedragen aan het streven naar klimaatneutraliteit in 2050. De grootste positieve effecten worden verwacht in gebieden met hoge woning- en bedrijfsenergiebehoefte en in zones waar effectieve modal shifts en onderhoud van groenblauwe infrastructuur mogelijk zijn. Wel blijven onzekerheden bestaan rondom uitvoeringstempo, financiering, en snelheid van gedragsveranderingen bij bewoners en bedrijven.